packraft

Hiken en raften tussen Bohan en Bouillon met de Semois als leidraad

GR 16

‘Wat is belangrijker, de reis of de bestemming?’ Het gezelschap natuurlijk! Met die wijsheid trokken ‘Madame van Dam’ en den Barry richting Bouillon voor een vierdaagse op en langs de Semois.

Bij Mathias van Fagus Outdoor huurden we twee packrafts die we woensdagochtend nog even oppikten alvorens de lange rit naar Bouillon aan te vatten.

Aangekomen in het voormalige hertogdom, dat vroeger afwisselend onder controle van Frankrijk en het prinsbisdom Luik viel, checken we in in de lokale jeugdherberg. De ‘Parel van de Semois’ ligt er nog rustig bij ondanks het begin van een verlengd weekend. Het is er dus nog genieten van een mooie, zonnige en rustige avond. Eerste terrasje, check!

Dag I Bohan – Alle-sur-Semois (Hike)

Grote Routepaden

↔ 24 km ↑ 1176 m  ↓ 1211 m

Na een vroeg ontbijt en een ijskoude douche (My God! GEEN warm water!) rijden we met de auto naar het dorpje Bohan. De packrafts mochten we in de jeugdherberg van Bouillon achterlaten tot vrijdag, dat scheelt ons toch een 4 à 5 kilogram in de rugzak. Aangekomen in het provincieplaatsje parkeren we de auto en beginnen we, na een heerlijke tas koffie (héhé), aan het eerste luik van onze vierdaagse.

Aan de Saint-Légerkerk van Bohan, waar een flukse zwaluw in het portaal haar nest heeft gebouwd, pikken we de GR 16 ‘Sentier de la Semois’ op. Het is meteen zwoegen en zweten… een steile klim en dito afdaling richting Membre zetten meteen de toon voor deze tocht.

Tabak folklore

Tabak Semois

Deze streek is vooral gekend vanwege de tabaksteelt die hier sinds enkele eeuwen plaatsvond aan de oevers van de stroom. De teelt bracht welvaart en een zekere beroemdheid voor de vallei van de beneden-Semois.

De bodem is er lastig te bewerken en het klimaat niet gemakkelijk, maar de vallei is wel uiterst geschikt voor de zeer veeleisende tabakskweek. De nabijheid van Frankrijk zorgde bovendien voor de klassieke smokkelroutes en bijhorende spannende verhalen.

droogschuur

Rond het slaperige gehucht staan dan ook nog veel typische houten droogschuren voor tabak. De planten worden in de open bergplaatsen volgens de oude werkwijze aan speciale bespijkerde ronde balken opgehangen en gedroogd.

Er is voor de liefhebber ook een tabaksmuseum en ambachtelijke werkplaats te vinden.

Ontmoeting met een das

We trekken door Membre-sur-Semois, passeren de kleine kapel van ‘Notre Dame de Walcourt’ en wandelen door een vochtig bos. Even schrikken we op van een das die ligt te kronkelen op het bospad, het lijken laatste stuiptrekkingen, er is duidelijk iets mis met het beest. Schrikbarende hoektanden en nagels, waar Edward Scissorhand jaloers op zou zijn, beletten ons, na enig getwijfel, om het beestje te helpen.

Met een wat wrang gevoel (Wat hadden we kunnen doen voor die das? Een dierenarts zoeken? Hem zelf proberen te verlossen uit zijn lijden?…) dalen we verder af naar Vresse-sur-Semois. In het kunstenaarsdorp houden we even stop voor warme tomatensoep met balletjes op een luidruchtig terras, schuilend voor de eerste regen.

Of, dat bestellen we toch, tomatensoep, de substantie in de kom heeft van ver eens een tomaat gezien en de ballen lijken eerder op hondenbrokken waar al een tijdje op gekauwd is. Op pad met een kritische kok is altijd wat spannend als je ergens iets gaat eten ;-). (Terwijl ik dit schrijf staat er een pot verse tomatensoep op mijn vuur te pruttelen…)

Snel ontvluchten we het lawaai van luide boxen en keffende viervoeters en zetten onze tocht verder over het liefelijke Pont Saint-Lambert in de richting van Alle-sur-Semois.

Ambras aan de Semois

De brug ligt aan de basis van een grappige legende. Tijdens de kerstening van de streek verspreidde de heilige Lambertus zijn geloof in Vresse terwijl de heilige Agatha dit in Laforêt deed. Lambertus was echter jaloers op zijn buurvrouw en kreeg het idee om aan zijn rivale de toegang tot ‘zijn’ dorp te verbieden.

Pont Saint-Lambert

Lambertus verplaatste zich te voet of per paard, zijn vrouwelijke concurrente reisde daarentegen enkel met paard en koets. Hij liet de brug dus zo smal bouwen dat het voor zijn collega onmogelijk was om het goede woord op zijn grondgebied te komen preken. Niks beter dan een paar heilige boontjes die elkaar niet kunnen luchten.

Soit, wij gaan in de beste verstandhouding verder via hoog gelegen bossentrack over de crête. Uiteindelijk volgt er een bijzonder steile afdaling in de richting van Alle-sur-Semois. Als we het rivierdorpje bijna zien liggen heeft de GR nog een kronkel met wat extra hoogtemeters in petto. Eens we er zijn, zijn we dan ook heel blij te kunnen neerploffen bij een blauwe Chimay.

Met flanellen benen

De donkere Chimay komt binnen, de benen protesteren en de laatste kilometers gaan dan ook net iets minder. Een banaan en twee mueslirepen helpen om onze kampeerplek te bereiken. Op de kaart vonden we een open plaats waar we uiteindelijk kamperen iets voor Frahan aan de boord van de Semois in een vochtige weide. Na de obligate apero-time is het etenstijd en zetten we onze tarp op. Nog een vuurtje om op te warmen voor we deze stevige dag afsluiten en onze slaapzakken opzoeken.

Dag II Frahan – Bouillon (Hike)

Grote Routepaden

↔ 19.59 km ↑ 575 m  ↓ 533 m

Semois frahan

De bovenbenen weten van de vorige dag, stramme spieren dus. Maar, gewoon gaan. Dit prachtig stukje Ardennen deed Bart al eens eerder op een tweedaagse lus vanuit Bouillon maar het blijft volgens hem meer dan de moeite. De koninginnenetappe van de GR 16 heeft dan ook verschillende hoogtepunten in petto.

We kruisen de provinciegrens tussen Namen en Luxemburg als we in de richting van het gehucht Frahan stappen. Via de ‘Passerelle Frahan’, een voetgangersbrug uit de jaren ’40 gaat het naar het hoger gelegen Rochehaut.

Promenade des échelles

Het toeristische dorpje is de ideale plek voor een korte ochtendstop. Na de welkome dampende koffie willen we een bezoekje aan de opmerkelijke kerk doen maar deze is nog gesloten omwille van het vroege uur.

We wandelen door naar de befaamde ‘Promenade des échelles‘. Vermits Bart deze route al gedaan heeft en ik niet, hebben zijn stoere verhalen toch een licht intimiderend effect op mij en schiet ik een beetje in een stress’ke. Wat staat mij te wachten?

De barokke Sint-Firminkerk van Rochehaut is zeker een bezoek waard. Op het plafond zijn fresco’s uit 1959 -1961 te zien. Over smaken en kleuren twist je niet, maar de beschilderingen zijn op zijn minst ‘bijzonder’ te noemen. Half vorige eeuw besliste de pastoor, Firmin Marenne, dat een kunstenaar uit een naburige gemeente genaamd Paul Hilt het gewelf mocht schilderen. Het resultaat zorgde voor heel wat controverse in Rochehaut tussen de pastoor en het gemeentebestuur.

De fresco-oorlog was geboren en de gemeente deed er alles aan om de werken te stoppen. Eerwaarde Marenne volharde en liet de schilder in het geheim ’s nachts verder werken.

Je hoeft de laddertjeswandeling niet persé te doen en kan gewoon over het pad doorlopen richting Semois, maar het blijft natuurlijk leuk om gewoon wel de variant te doen. Het Indiana-Jones-gevoel komt, ondanks de waarschuwing dat de wandeling niet geschikt is voor ‘gevoelige’ personen, in mij naar boven.

Niet voor gevoelige personen

Echelles de Rochehaut

Iedereen weet natuurlijk hoe een gevoelige jongen Bart is (uhum) maar de harde tante in mezelf (kuch) zegt dat we kiezen voor de ladders. Via de oude ontsnappingsroute dalen we af tot we terug aan de Semois staan.

Onderweg vragen we ons af of onze kinderen dit een leuk traject zouden vinden en moeten we bekennen dat we het niet goed weten. Gewoon eens proberen zeker? ‘By the way’, het viel heel goed mee hoor.

Nog even een stukje door wandelen en dan picknicken we aan een kabbelend stroompje alvorens verder te klimmen naar het ‘Graf van de reus’. Ondertussen hebben we onze lange broeken ingeruild voor shortjes, hoera!

echelles de rochehaut

Tombeau du Géant

Met een lokaal biertje genieten we boven van het uitzicht op de befaamde ‘Tombeau du Géant’. We bedenken een leuk muziekje voor bij het filmverslag en lachen met kitscherige planfluitmuziek. Ow ja, en sorry aan die éne verbaasde wandelaar die ik riep omdat ik dacht dat het mijn neef ‘Jeroen’ was, niet dus. Den Barry geneerde zich rot voor mijn enthousiasme.

Het panorama dat zich voor ons uitstrekt is sinds Bart zijn geboortejaar 1976 geklasseerd als uitzonderlijk landschap van Wallonië. Een weetje dat de wandelgids even wou melden. Amen.

Tombeau de Geant

We dalen af, passeren de Moulin du Rivage en besluiten dan de Semois over te steken op de 55 meter lange hangbrug waar we terug veel meer volk tegen komen. We lopen het laatste stukje naar Bouillon over de GR 14 aangezien Bart het deel op de GR 16 al eerder liep.

De ‘passerelle du Moulin de l’Epine’ laat toe aan dagwandelaars om een lus te maken vanuit Bouillon aangezien de volgende brug een heel stuk verder ligt.

hangbrug

Via de oevers van de rivier, een relaxed stukje, komen we uiteindelijk aan in Bouillon, gekend als de thuishaven van de Koning der kruisvaarders, Godfried van Bouillon. De hoger gelegen burcht van de heer des huizes werpt al 1000 jaar lang haar schaduw op het nu vredige stadje.

We begeven ons ridderlijk terug naar de jeugdherberg, mét warme douche deze keer, en genieten van een heerlijke avond in het stadje met een geschiedenis gedrenkt in het bloed en het epos van de Eerste Kruistocht naar Jeruzalem. Hoor ik daar hoorngeschal en tromgeroffel?

Dag III Bouillon – Alle-sur-Semois (Packraft)

↔ 32.31 km

packraften

‘Note to self’. Als je aan Bart een voorstel doet, kom dan met iets klein. Een dag ‘kanovaren’, wordt twee dagen en 45 kilometer packraften met alles erop en eraan.

Nu we na twee dagen stappen zo ver geraakt zijn, gaan we ‘gewoon’ terug. Deze keer zal onze tocht dus over het water lopen. De eerste keer packraften, dus daar komt wat gezonde stress bij kijken. Jawel, ook Bart Caers heeft soms een stress’ke, I kid you not. Uiteindelijk krijgen we de boten en onszelf ‘vaarklaar’ en gaan we te water iets buiten Bouillon.

Het duurt niet lang of we varen onder de hangbrug en in de meander van de ‘Tombeau du Géant’. Het packraften gaat minder ‘smooth’ dan kanovaren. Je moet harder ‘werken’ om vooruit te gaan maar de stilte en het uitzicht vanop het water zijn adembenemend. Het heeft iets rustgevends en angstaanjagend tegelijkertijd.

De naam “Tombeau du Géant” komt van de legende van een Gallische reus. De gigant weigerde zich gevangene te laten nemen door de Romeinen en gaf er de voorkeur aan om zich van de rotsformatie “Rocher des Gattes” te gooien in plaats van te sterven in het arena van het Colosseum. De dag nadien vonden de mensen van Botassart zijn lichaam en begroeven hem op de top van de heuvel die omringd wordt door de Semois.

Het regent oude wijven

Het weer laat ons wat in de steek en de buien volgen elkaar in sneltempo op. Al gauw zijn we beiden nat tot op onze huid en willen we enkel nog uit de boot om een plaspauze te doen. En, het is koud. Op een bepaald moment staan we met twee op de oever en bibberen we uit ons vel, waardoor ik spontaan de slappe lach krijg.

Gelukkig kunnen we blijven lachen (Maar kan het dan nu ophouden met regenen a.u.b.?). We skippen de camping die we eerst voor ogen hadden en meren, na iets meer dan 32 kilometer, ergens tussen Alle-sur-Semois en Vresse-sur-Semois, aan.

De weergoden zijn ons goedgezind (of, dank u Frank Deboosere!) en het blijft min of meer droog de rest van de avond. We zetten de tarp op, maken een vuurtje, eten (na een dag leven op repen smaken noedels uit een pakje des te meer) en proberen alles zo goed als het kan droog te krijgen. Terwijl een pronte zwaan haar veren opzet genieten we van de avond en de mooie gloed over de rivier met een flesje rosé.

Bouillon
‘Daar vaart ze, en zoveel schoonheid heb ik nooit verdiend’

Dag IV Alle-sur-Semois – Bohan (Packraft)

packraft

↔ 13.05 km

Na ook een regenachtige nacht zijn we vroeg uit de veren… Op het eerste zicht vinden we de ‘allumeur’ of stekjes niet, wat zou betekenen dat ik de dag zonder koffie moet beginnen, en dat willen we niet éh, maar al gauw pruttelt het water en genieten we van deze laatste expeditie-ochtend.

Hadden we al gezegd dat er bijzonder veel zwanen op de Semois zitten? Het is heel indrukwekkend als ze opstijgen (en ook een beetje angstaanjagend als ze jouw richting uitkomen). Hoe groot zijn die beesten eigenlijk als ze hun vleugels openslaan? Bovendien zijn er ook heel veel vissers langs en in het water, op de meest onwaarschijnlijke uren en de ene al wat vriendelijker dan de andere. We zagen ook veel reigers, gele kwikstaartjes, waterspreeuwen, talloze over het water scherende zwaluwen en een paar ijsvogeltjes.

De laatste loodjes

Het is stil op en rond het water op deze vroege zondagochtend en we genieten van de laatste regenvrije kilometers. Het is verbazingwekkend hoe rustgevend water is. Gedachten op nul en roeien.

We passeren een paar leuke barrages en een aantal campingslierten voor we aankomen in Bohan, waar de auto op ons staat te wachten. Yes, We’ve made it! Nog even de packrafts proper maken, ons ontdoen van thermisch ondergoed en regenkledij en dan drinken we er nog ééntje voor we terug achter het stuur kruipen.

What a ride mensen, vier dagen knallen in de natuur met mijn uber-avontuurlijk lief. En nu dan een warm bad graag, doehoei! Carry & Barry

Map vierdaagse Semois

Semois GPX’en

Semois vierdaagse praktisch

Vervoer

Wij reden met de auto naar Bouillon waar we overnachten in de jeugdherberg en onze packrafts mochten achterlaten in de lockerroom (tip: neem een klein slot mee voor de lockerkastjes). Van daar reden we verder naar Bohan. Twee dagen wandelen en twee dagen varen bracht ons terug bij de wagen.

De streek van de Semois is niet echt optimaal ontsloten om met het openbaar vervoer te komen. Het station van Gedinne is ongeveer 20 km van Bohan, wellicht biedt het station van Libramont meer aansluitende busverbindingen. Zonder auto en met veel bagage is deze tocht dus wat puzzelen. Dienstregelingen vind je op de websites van de NMBS en TEC.

Overnachten aan de Semois

Semois

Wij sliepen twee keer in Bouillon en twee keer in het wild. De streek is vrij toeristisch en er zijn genoeg mogelijkheden qua overnachten op campings en in hotels op dit traject.

De streek rond Allé-su-Semois ligt ongeveer halverwege het traject zowel heen als terug en heeft verschillende campings die ook trekkers verwelkomen.

Bevoorrading

Op deze tocht passeer je verschillende dorpjes waar je proviand kan inslaan of iets eten/drinken bij de plaatselijke horeca. Bouillon, Allé-sur-Semois, Vress-sur-Semois, Rochehaut en Bohan hebben allen winkels. Bijna alle dorpjes daartussen hebben horeca gelegenheden. Aan de start in Bohan is een Delhaize voor wie nog inkopen wil doen, in Bouillon is een Colruyt.

Bewegwijzering en topogids ‘GR 16 Sentier de la Semois’

Op de website van Grote Routepaden kan je de topografische gids met info, kaartjes en uitleg aankopen. Ben je lid van Grote Routepaden krijg je nog een mooie korting ook. Let op, het boekje ‘GR 16 Sentier de la Semois’ is uitgegeven in het Frans.

Verder is de GR prima aangegeven met de gekende wit-rode streepjes. Met behulp van onze GPX is het prima te doen zonder kaart. Aan de laddertjes wandeling is er de mogelijkheid te kiezen voor de variant of om af te dalen langs een minder avontuurlijker deel.

Packraften op de Semois

Wat is een packraft nu juist? Een packraft is een lichte en compacte opblaasbare raft die samen met je andere materiaal in een grote trekkingsrugzak past. ‘Pack your raft, raft your pack’ luidt het devies.

Door de eenvoud en de gebruiksvriendelijkheid, maak je de switch van wandelen naar raften op minder dan een half uurtje. Je rugzak kan je eenvoudig transporteren op de boeg van je packraft. Lees er alles over op de website van Hiking Advisor of in dit boek met alle tips & tricks voor de packrafter.

Wij huurden onze packraft bij Fagus outdoor in Ekeren en kregen er een prima service en tips om onze eerste stappen te zetten in zelfstandig op pad gaan met de raft.

Je moet rekening houden dat er regels zijn voor het bevaren van rivieren. Je bent als packrafter verplicht om je te houden aan vaste in- en uitstapplaatsen. Ook hou je best rekening met de waterstanden als je een beetje aangenaam wil varen.

Een kleurencode geeft aan op welke deeltrajecten het toegelaten is om te varen. Onder een bepaalde waterstand worden de rivieren geel (binnenkort verboden) of rood (verboden). Packraften is bij code geel en rood niet interessant of verboden.

Wanneer de rivier lichtgroen is, is packraften toegelaten maar kan het water nog te laag staan. Bij een donkergroene kleur staat er voldoende water om aangenaam te raften. Dezelfde methode wordt ook gebruikt bij te hoge waterstand in de winter. Info: fagusoutdoor.be

Weer

BOUILLON Weer deze week

Links

Foto’s

Gerelateerde berichten

Vragen en opmerkingen

Geschreven door

caersbart

Hey, welkom op caersbart.be, dit is een persoonlijke webblog om mijn ervaringen te delen en mensen te inspireren. Heb je vragen... shoot! Je kan je me contacteren via info_at_caersbart.be, of via messenger op ons Facebook page fb.com/caersbart.be
© caersbart.be